Olifantenweetjes

De Afrikaanse olifant

Er leven twee soorten olifanten in Afrika, de savanneolifanten en de bosolifanten. Afrikaanse savanneolifanten zijn de grootste landdieren ter wereld. Een mannelijke olifant wordt ‘de bul’ of de stier genoemd. Hij kan wel 5 meter lang worden, is ruim 3,7 meter hoog bij de schouder en weeg zo'n 6 ton. Afrikaanse bosolifanten zijn een stuk kleiner. Hij wordt ongeveer 4 meter lang, 2,8 meter hoog en weegt tot 3 ton.

De slurf is een verlengstuk van de bovenlip en neus en wordt gebruikt voor communicatie en het hanteren of vastpakken van objecten, zoals voedsel.

afrikaanse olifant

Afrikaanse olifanten hebben twee tegenover elkaar liggende puntjes aan het einde van hun slurf, een soort vingers, in tegenstelling tot de Aziatische olifant, die er maar één heeft. Een ander opvallend kenmerk van olifanten in Afrika is de zeer grote oren, waardoor ze overtollige warmte kunnen kwijtraken. De slagtanden van een olifant zijn doorgegroeide snijtanden uit de bovenkaak. Ze groeien het hele leven door. Daarom hebben oude dieren soms enorm lange slagtanden. Zowel de mannetjes als vrouwtjes van de olifanten in Afrika hebben slagtanden, die ze gebruiken bij gevechten en bij het eten en graven naar water. Bosolifanten hebben rechte slagtanden en savanneolifanten hebben gebogen slagtanden. Slagtanden bestaan uit ivoor, wat veel geld waard is en wat de olifanten een belangrijk doelwit maakt voor stropers. Het ivoor van bosolifanten is dichter.